Weimar

Weimar is de stad met misschien wel de meeste historische lading van de drie bezochte steden. Na de eerste wereldoorlog kreeg Duitsland hier zijn eerste echte grondwet en bovendien de naam Weimarrepubliek. Maar al in geschriften uit 899 komt de naam van de stad voor, die trouwens in 1410 echte stadsrechten krijgt. 3 steden 'claimen' hier Bach. Zijn familie kwam uit Erfurt. Hij werd geboren in Eisenach (waar zijn huis te bezoeken is) en woonde in Weimar waar in de kerk ook al zijn kinderen werden gedoopt.


Maar belangrijker nog dan Bach is in Weimar Goethe die in de jaren rond 1800 in de stad leeft en zijn sporen er heeft nagelaten. Zoals heel tastbaar de Ginkgo Biloba boom die hij plante en waar hij een - later zo beroemd geworden - gedicht over schreef. Maar ook zijn huis is te bezichtigen met nog authentieke vertrekken en ook zijn koets. En in ons hotel ‘Am Frauenplan’ dat pal tegenover het Goethehuis ligt, slapen we logischerwijs ook in de Goethe kamer.

Het was hertogin Anna Amalia, op haar achttiende als weduwe achtergebleven met twee jonge zoons, die Goethe en andere geleerden en wetenschappers naar Weimar haalde om haar twee jongens een goed scholingsklimaat te bieden. Zij heeft voor Weimar veel betekent op het gebied van onderwijs en cultuur. De grote bibliotheek met vele bijzondere manuscripten en waardevolle werken draagt dan ook haar naam.

Naast ‘haar’ bibliotheek, bezoeken we ook de kerk waar haar kleinzoon ligt begraven; prins Karel Frederik. Zijn vrouw, de Russische Maria Paulowna ,bleef haar eigen russische geloof trouw en ligt in haar eigen kerk begraven. Maar daar ze zo van elkaar hielden zijn de kerken tegen elkaar aangebouwd en is in de kelder een opening gelaten. Een romantisch verhaal met een apart plaatje als je de twee kerken met eigen bouwstijl zo naast elkaar ziet. De zus van Russische Maria, Anna Paulowna, trouwde met ‘onze’ Willem II en het is hun dochter Sophie die veel deed om het werk van Goethe te verzamelen en te behouden.

Anders dan in Erfurt waar de gidsen zonder aarzelen een kerstmanpak of Bonifatius-kostuum aantrekken, is het ‘Disney’-gehalte hier minder hoog. De nadruk ligt hier heel erg op de informatie over de geschiedenis en de cultuur die, net als de talenkennis, ruim aanwezig is onder de gidsen.

De verhalen over de historische figuren in Weimar zijn talrijk en de Nederlandse gids is dan ook zeer welkom, want al kunnen we goed uit de voeten met ons Duits, de details die Renée Cierrad met ons deelt had ik toch wel gemist als ze niet in het Nederlands waren vertelt. Ze neemt ons ook mee naar de Bauhaus-universiteit en het Bauhaus museum en we krijgen een zeer aangename stoomcursus in architectuur en kunst. Dat crisis kan leiden tot creativiteit bewijst de periode tussen de wereldoorlogen en de superinflatie, waarin de stroming Bauhaus ontstond en zorgde voor een heuse designrevolutie. In de hal van de universiteit staat een heuse Rodin en ik kan de verleiding van hem even aanraken niet weerstaan. We zien het tuinhuisje van Goethe en hierna volgt nog een bezoek aan het theater waar de Weimarrepubliek een feit werd.

’s Avonds is het weer tijd de kerstmarkt te bezoeken. Dat beperkt zich in Weimar niet tot een centraal plein maar hele straten zijn tot knusse markt omgetoverd en het slenteren door de stad wordt zo een waar feest. Grappig ook om te zien hoe de sfeer per stad toch net anders is. Al is het elkaar ontmoeten en het gesprek bij alle markten wel een terugkerend iets. Niet puur voor toeristen maar ook de plaatselijke bevolking waagt zich ‘s avonds in grote getale op straat om bij te kletsen en de ontmoeting aan te gaan. Het superromantische kersthondenhok is helaas een no-no als souvenir, maar mistletoe wordt natuurlijk wel gelijk door mij ingeslagen.

Met bewondering kijken we naar het raadshuis waar de vele ramen beschilderd zijn als levensechte adventskalender en waar steeds een raam extra verlicht wordt. Een rondtour in een koetsje met paarden maakt het romantische vakantiegevoel compleet.

Op de terugweg in de trein beeld ik me in het geluid van de koetswielen nog te horen in de cadans van het spoor. En met samengeknepen ogen verander ik de seinpaal in een oplichtende kerstboom. Op het winderige Amsterdam CS is de droom definitief voorbij. Maar de herinnering blijft. Evenals de foto’s en de Lebkuchen harten die inmiddels mijn eigen kerstboom sieren.